Gered dankzij mijn nieuw ‘strikdiploma’!

Datum:
18-21 juli 2017
Naam:
101e Nijmeegse Vierdaagse
Organisator:
Plaats:
Nijmegen e.o.
Aantal km’s:
4 x 40 km
Duur ±:
ong. 4 x 12 uur
Google Earth GDB-file (Garmin) GPX-file Foto’s

Hier doen we het mee.

Na de minder gelukkige afloop in 2016 – na één dag helemaal op en leeg na 55 km – gaan we dit jaar voor de 40 km. We hebben voldoende getraind, dus dit mag geen probleem geven. Op ‘Blauwe Maandag’ (zoveel W4W-blauw heb ik nu ook weer niet gezien) de (fiets-)routes en de parkeerplaats verkend en de noodzakelijke administratieve bescheiden (dat irritante polsbandje) opgehaald. Nog enkele W4W-forumleden gezien en gesproken. Weer thuis aangekomen mijn uitrusting gereed gemaakt en vroeg naar bed. Ik heb uitgerekend dat bij de vroege start ik om 03.15 uur moet opstaan om op 05.00 uur aan de start te staan.

Dinsdag, de dag van Elst.

De fietsenstalling bij de Wedren is nog grotendeels leeg als ik mijn stalen ros wegzet in rij 7 (onthouden!!) Het weer is prima en de brug ligt er nog steeds strak bij. Voor het eerst gaat de route met de klok mee. Da’s even wennen, maar achteraf is mij dit goed bevallen. De bewoners van Lent en Bemmel ook. Zij konden voor het eerst uitslapen. Hoe Oosterhout het heeft ervaren, ik ben benieuwd.

De Oase.

Langs de route worden we regelmatig getrakteerd op livemuziek; prettig om naar te luisteren. De eerste grote rust die ik gebruik is de “Oase”, de mobiele catering annex lunchroom van Carla en Erik. Het is 08.30 uur. Het is een genot om na wat km’s even te kunnen zitten, een drankje of kopje koffie aangereikt te krijgen en weer wat forumleden te zien en te spreken. Hier heb ik behoorlijk lang gezeten; zelfs Erik viel dit op. Echter, ik werd rond 11.00 uur in Elst verwacht. Daar zou zoon Sander, Marieke en mijn vier kleinkinderen mij opwachten bij Bas. mijn jongste zoon.

Het tijdstip van 11.00 uur is wat erg ruim aangenomen en dus ga  ik rond 09.30 uur toch maar weer op pad. In Elst ga ik bij Bas aan voor een noodzakelijk bezoekje aan een klein kamertje en een kop koffie. Niet lang daarna komen de kids – vroeger dan gepland – toch nog aan. Met stralende oogjes wordt ik begroet en ik kan ze blij maken met een polsbandje van de FNV, vóór Elst losgepeuterd op de route. Na vele kusjes en ‘free hugs’ die ik wel accepteer, ga ik weer op pad.

In de middag wordt het behoorlijk warm. Nadat de Rijkerswoerdse Plassen zijn gepasseerd, komt een taai stuk langs de autoweg Nijmegen-Arnhem met heel weinig tot geen schaduw. Ook is de watervoorziening slecht. Hier moet men toch echt volgend jaar iets op verzinnen. Ikzelf zoek geregeld plekjes op om te rusten.

Weinig schaduw.

Voor Bemmel begint een onaangenaam, maar bekend gevoel in de kuiten zich te manifesteren: kramp! Na wat rustig aan lopen en wat strekoefeningen verdwijnt het weer. Via Bemmel gaat het naar Lent via een militaire rust. Ook hier moet er wat gestrekt en gerust worden. De krampjes komen ondanks alles sneller achter elkaar. Vóór Nijmegen wordt het steeds erger. Om de haverklap moet er gestrekt worden, maar ook dat wilt niet altijd helpen. Vanaf de brug tot aan de finish is het rampzalig. Ik zie deze N4D weer in het water vallen. Er zijn momenten dat ik niet kan lopen van de pijn; kom ik nog wel op tijd binnen? Strompelend, inwendig vloekend en tierend, haal ik op 16.45 uur de finishtent, waar mijn been helemaal verkrampt en ik zowat tegen de vlakte ga van de pijn. De voet wijst naar de grond en wilt niet meer normaal gaan staan.

Met de startkaart voor de woensdag op zak – Kan ik die morgen wel gebruiken? – strompel ik naar de EHBO-post op de Wedren, in bijzonder de tent van het  Nederlands Genootschap voor Sportmassage (NGS). Al snel wordt ik van de ergste krampen verlost door het hoofd (?) van de post. Middels het zachtjes lostrillen van de kuiten en een massage in de knieholte komt er eindelijk rust in de benen en voeten. Mijn beurt voor een beenmassage laat nog even op zich wachten.  Nadat vele andere wandelaars zijn geholpen, mag ik ook gaan liggen op een massagetafel. Het is rond kwart voor 7.

Massagetent

De dame die mij nu gaat behandelen kijkt als eerste naar mijn schoenen. “Loop je altijd zo?” “Ja, zolang ik al wandel.” “Da’s dan helemaal fout. De veters bij de voorvoet staan veel te strak. Door het wandelen zet je voet uit. Doe je de veters te strak, dan wordt de voorvoet afgeklemd en krijg je weinig tot geen doorbloeding en dus geen afvoer van afvalstoffen. Gevolg: krampen!” Mijn verbazing is groot. Dan loop je toch al zo’n 13 jaar, je heb de nodige wandelschoenen gekocht en nog nooit heeft mij iemand verteld over het veteren van de schoenen.

Beide benen worden stuk voor stuk onderhanden genomen en  ondertussen worden nog wat tips verteld. Zo is het wijs om op een wandeling als de N4D (geen autoverkeer), afwisselend links en rechts van de weg te lopen i.v.m. de tonronde.  Mijn vraag of het wijs is om morgen te starten, krijg ik resoluut een antwoord: “Gewoon gaan! Loop rustig en mocht je onderweg iets voelt opkomen, melden bij de grote EHBO-posten waar masseurs aanwezig zijn.” Vóór ik weg mag, moet ik nog eerst even op voor mijn ‘strikdiploma’. Ik laat zien dat ik het begrepen heb, krijg mijn virtueel diploma en mag naar huis.

Woensdag, de dag van Wijchen.

Drie dagen dezelfde exit Nijmegen

Vol spanning begin ik aan deze dag. De veters zijn model gestrikt, de kuiten ingesmeerd. Het wordt een warme dag. Zoals beloofd doe ik het rustig aan. De komende drie dagen verlaten we telkens Nijmegen via dezelfde route richting het Maas-Waalkanaal. Vandaag heeft de route weer de nodige rustmomenten voor mij: 2x een militaire rust, 1x de Oase, 1x Regimentspost, 1x Olat rustpost, 1x KWBN-post en de diverse eigen rustmomenten.

Ik merk dat ik redelijk ver in de achterhoede loop: het is heerlijk rustig op de route. Zelfs de doortocht door Wijchen levert geen problemen op. Binnen een vloek en een zucht ben ik bij de regimentspost. Hier zwaait onze kersverse regimentsadjudant de scepter. Een heerlijke kop soep en een ‘fake’ borreltje mag ik wegwerken. Ik heb er nu zo’n 23 km opzitten en het gereviseerde ‘loopwerk’ doet soepel en zonder tegenstribbelen zijn werk.

Na 750 meter lopen moet ik weer aan de kant voor een heerlijke pannenkoek van de “Oase”. Ik laat deze goed smaken en met een cola ben ik weer fit voor de rest. Het gaat nu richting Beuningen met een klein oponthoud bij de KWBN-post. Vele natte handdoeken en flesjes water worden weggewerkt. De laatste km’s richting Nijmegen is voor velen een martelgang. Langs de weg zitten/liggen wandelaars in de weinig aanwezige schaduw op adem te komen.

Roze Woensdag

Voorbij de sluis van Weurt duiken we Nijmegen in. Voor wie het nog niet is opgevallen tijdens de wandeltocht, het is Roze Woensdag. Via de Waalkade gaat het het centrum in en is het één groot roze feest. Niet mijn ding, maar men heeft er wel iets moois van gemaakt.

De laatste meters gaan soepel voorbij. Vandaag totaal geen last van krampen of ander ongemak. Onvoorstelbaar dat het strikken van veters zo’n invloed heeft op de benen. Ik ben hopelijk voor even genezen van die ellendige krampen.  Op naar dag 3.

Donderdag, de dag van Groesbeek.

No rain! No rain!

Bij mijn vertrek thuis regent het, maar dit is gelukkig van voorbijgaande aard. Vandaag wil ik een bezoek brengen aan het Canadian War Cemetery and Memorial. Na de mil. rust in Mook stopt het met zachtjes regenen en moet de poncho uit de rugzak. Langs de kant staan, ondanks de neerplenzende regen, de mensen ons moed in te spreken. Een padvinderskoor langs de kant van de weg probeert al zingend de wandelaars een hart onder de riem te steken. In Katerbosch, vlak voor Plasmolen, stopt gelukkig de regen. Helaas voor velen heeft het noodlot dan al toegeslagen; drijfnatte schoenen en sokken en weke blaren onder loszittend verband. Daar wordt je niet vrolijk van.

Voorbij Milsbeek duik ik de mil. rustpost in en vind een mooi plekje op de grond. Op de poncho is het goed toeven. Hier controleer ik de voetjes en wissel ik mijn sokken. Een US-detachement rolt binnen en in no-time ben ik omringt door US-militairen. Het rangonderscheidingsteken van ‘Sergeant Major’ op mijn rugzak – ooit uitgereikt gekregen in mijn parate tijd bij U.S. Army 567th Engineer Company (ADM) – valt op en in no-time gaat het gesprek over de N4D. De meeste militairen weten zeker dat ze hier nooit meer aan mee gaan doen. Na de soep en andere versnaperingen maak ik aanstalten om te vertrekken. Als aandenken krijg ik nog het insigne van de ‘Sergeant First Class’ uitgereikt door ‘the leader of this detachement’.

Their Name Liveth For Evermore.

In Groesbeek breng ik een bezoek aan een kerk: even rust tussen mijn oren voordat de heksenketel in het centrum van Groesbeek genomen wordt. Voorbij de tweede mil. rustplaats – ik maakte hier geen gebruik van – verlaat ik de route en bezoek het Canadese kerkhof. Vele wandelaars met mij staan stil, terwijl diverse militaire detachementen van allerlei landen om de beurt hun eresaluut brengen terwijl de ‘Last Post’ wordt geblazen. Ondanks de bonte verzameling van wandelaars en militairen uit alle windstreken, heeft het iets samenbindend met maar één boodschap: Dit Nooit Weer!

Samen met Jannie  naar de volgende stop gewandeld: de KWBN, direct gevolgd door de ‘Oase’. Hier is inmiddels het merendeel van de bekende lopers voorbij. Omdat Jannie haar KBWN-button kwijt was, heb ik mijn KWBN-yoghurtje met aardbeien opgehaald en nadien eerlijk met haar gedeeld. Elke andere uitleg van een bepaalde foto is niets minder dan ‘fake-news’.

Van hieruit gaat het in één streep naar Berg en Dal. Aan het begin van de Kwakkenbergweg neem ik een blik op het voorbij strompelende wandelpeloton vanuit een positie, die mij over 20 jaar misschien ten deel valt: het geïmproviseerde terras van een bejaarden-/verzorgingshuis.

De Westerhelling

Ooit heeft hier ook de wieg gestaan van mijn bescheiden wandelcarrière. Verscholen achter hoge bomen ligt het voormalige pensionaat De Westerhelling. In de jaren ’60 vele zaterdag- en zondagmiddagen gewandeld met de bewoners van de St. Maartenskliniek. Ook werd er vaak deelgenomen aan wandeltochtjes in de buurt.

Hier tref ik ook langs de kant van de weg Sabine aan, maar een gesprekje zit er niet in. Al snel ‘jaagt’ ze me weg: “Maak dat je wegkomt. Veel tijd heb je niet meer.” Tja, wat doe je dan . . . . . Met een stevige pas steven ik door de feestelijk versierde straten op de finish af. Om 10 voor vijf meldt ik me af. Ook vandaag gelopen als nooit tevoren. Nergens last van gehad. Deze N4D laat ik niet meer schieten. Nadat ik nog even mijn masseuse-engel heb laten weten dat ook vandaag alles prima is verlopen, ga ik welgemoed terug naar huis.

Vrijdag, de dag van Cuijk.

V.w.b. het weer ziet het er goed uit. Na een rustige autorit naar mijn parkeerplaats, stap ik op de fiets richting de Wedren. Op de Annalaan schuift mijn rugzak van de bagagedrager af. Ik stop om hem weer op zijn plaats te zetten. En daar gaat het fout. De stang van mijn herenfiets is hoger dan de lenigheid van mijn rechterbeen, met als gevolg dat mijn voet blijf steken en ik met fiets en al achterover tegen het asfalt tuimel: twee beschadigde ellenbogen en een gat op het achterhoofd. Twee passerende fietsers helpen me weer overeind en na een snelle controle mag ik verder met de belofte dat ik – vóór de start – een bezoek breng aan de EHBO op de Wedren.

Via de Centrale Administratie wordt de EHBO opgeroepen en word ik alvast gescand zodat ik gelijk op pad kan. Door de EHBO wordt de schade opgenomen en vastgesteld dat de hoofdwond van dien aard is dat er niet gehecht hoef te worden. Ook wordt de mogelijkheid bekeken van een hersenschudding, maar daar weet ik het antwoord al op!! De wond wordt goed schoongemaakt en met een pleister op de ellenbogen mag ik starten.

Daar zijn ze weer.

Via de al bekende route verlaten we Nijmegen. Ik tref Bertus en Dini op een post en krijg pardoes een kop soep aangeboden. Gezien de finishtijd – 18.00 uur – kan ik het rustig aan doen. Bij het verlaten van de eerste mil. rust van deze dag tref ik twee oud-collega’s: een met en een zonder N4D-ervaring. Ik wens beiden succes en ga zelf op pad. Voor Overasselt breng ik nog een bezoekje aan de rustpost van de Olat. Ook hier weer een kop soep.

Na Overasselt gaat het wandelpeloton de dijk op. Ook hier weer het gevoel dat de grootste storm voorbij is, want er is voldoende ruimte om stevig door te stappen. Vlak voor de A73 ligt v.w.b. de N4D van 2018 een moeilijk punt: gaan we rechtdoor op de 30 km en niet over de brug in Cuijk of slaan we rechtsaf op de 40 km, over de Maas richting Linden, Cuijk? Vandaag gaan we rechtsaf,  volgend jaar zien we wel weer verder.

Via het muziekarme Linden, waar ik een bezoekje breng aan de open kerk en het graf van vijf US-militairen die hier zijn gesneuveld, en de Kraaijenbergse Plassen komen we uit in Beers. Hier vind ik een schaduwrijk plekje op een terras onder een boom. Het lunchpakket wordt aangesproken: bruine boterhammen met pindakaas en een cola. Het is er goed toeven en binnen de kortste keer ben ik ingesloten door Zweedse militairen. Onderling hebben ze de grootste lol, mij ontgaat echter het een en ander. Je kunt tenslotte niet alles kennen.

Van Beers gaat het nu richting het Louis Jansenplein in Cuijk waar het Vrijwillig Fanfarekorps Genie speelt en vervolgens naar de brug. Hier wort ik welkom geheten door vele collega’s, al of niet deelnemer aan de N4D. Samen met de waarnemend regimentscommandant en de regimentsadjudant wordt – onder het genot van een ‘fake-brandewijnje’ – uit volle borst het Mineurslied gezongen en getoast op het regiment. Mijn opvolgster als regimentsfotograaf heeft e.e.a. op de gevoelige plaat vastgelegd. Of ik daar nu zo blij mee moet zijn? 😊

Carola en Aike hebben nog gepast gebruik kunnen maken van mijn aanwezigheid op het vlot. In de schaduw van de partytent konden ze even op verhaal komen en een drankje gebruiken. Ook het GGG (Groot Genneps Genootschap) kon de weg naar het vlot vinden, maar tot ieders verbazing bleef het bij een ferme handdruk. Tijd voor het tonen van de hun bekende ‘Drankkunst’ was er dit jaar niet bij. Zouden ze ziek zijn? Ik vraag me werkelijk af: zouden ze wel gefinisht zijn?

Met horten en stoten kan ik me los maken van het regiment en ga met Aike en Carola op weg naar de Via Gladiola. In Mook steek ik nog een aangeboden kaarsje aan in de Sint Antonius Abtkerk. Iets minder sfeervol maar wel verlossend was het bezoek aan de – naast de kerk gelegen – toiletwagen. Carola en Aike zijn dan al doorgestoomd. Voor het gemeentehuis krijg ik nog – als Limburger – een veiligheidsvest aangeboden en een Limburgs vlaggetje. De laatste was ik al snel weer kwijt aan een jeugdige toeschouwer.

Oase, tot volgend jaar.

Bij Malden de laatste stop in De Oase. Ook hier is het inmiddels te merken dat de meesten al voorbij zijn. Door de kok Erik wordt ik getrakteerd op enkele gehaktballetjes. Na al dat zoet, zout en zuur – onderweg aangeboden door de jeugd – smaken de balletjes voortreffelijk. Na nog een kleintje cola is het tijd voor het afscheid. Twee prachtige mensen, Carla en Erik, hebben weer vele wandelaars een opkikker gegeven en de moed om door te gaan. De gedachte bij de wandelaar dat ‘iets verderop’ op de route De Oase weer klaarstaat om je op te vangen, geeft je bij wijze van spreken ‘vleugels’. Carla en Eric, van harte bedankt voor jullie support.

Bij de McDonald’s, vlak voor de Via Gladiola, tref ik nog de ouders van Carola. Het is goed hen weer terug te zien na de ‘100 km lange, zeer zware en moeilijke’ Trailwalk van Oxfam/Novib in 2009. Het gaat jullie goed.

De Via Gladiola

2018?

Vanaf hier is het nog 5 km ‘rennen, springen, vliegen, duiken, vallen, opstaan en weer doorgaan. Ik kan hier nu niet blijven, ik kan hier nu niet langer blijven staan . . . . ‘, m.a.w. een gekkenhuis. In alle chaos verlies ik Aike en Carola uit het oog. Na nog een goed woordje aan de oude marsleider en sterkte gewenst aan de nieuwe, bereik ik  rond kwart voor zes de finish. De dame van de finishpost, die mij dinsdagavond in deplorabele had zien binnekomen, kreeg de eer om aan mij het cijfertje ‘9’ uit te reiken hetgeen ze waardeerde.

Helaas was de massagepost, waar ze mij zo goed hadden geholpen, al helemaal ontmanteld en was het personeel op weg naar huis. Jammer, want ook deze dag heb ik, dankzij hen, geheel pijnloos gewandeld. Wat nog overblijft is het opzoeken van de fiets. Ohh shit,  . . .  waar heb ik die nou weer weggezet?

Dank aan alle (on-)bekenden, vóór, tijdens en ná de wandeldagen voor de babbels, zinnige en onzinnige opmerkingen, beste wensen en glimlachjes. Volgend jaar?? Who knows.

2 comments to Gered dankzij mijn nieuw ‘strikdiploma’!

  • Proficiat met het uitlopen, zeker na alle ongemakken die je hebt moeten doorstaan. We hebben elkaar nog even gezien in de Oase, op de eerste dag. Hopelijk gaat het inmiddels wat beter met hoofd en armen. Dank voor het delen van de veter-tip en vooral voor het delen van je prachtige verslag. Gr. Ruud Horst / boktwee (W4W)

  • Peter Heesakkers

    Wat doorzettingsvermogen vermag Bernard! Potdomme, je maakt er wel een spannend verslag van, maar wel weer van het door jou bekende gehalte. Geweldig van je in de toestanden door jouw doorstaan. Een dikke proficiat, en de beloning voor jou dubbel en dwars verdiend!

Leave a Reply

You can use these HTML tags

<a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <s> <strike> <strong>