Kennedymars, Winterswijk-Arnhem

Google Earth Garmin-file GPX-file Foto’s


De opening van mijn LAW-seizoen kan heel kort worden samengevat: Successen in het verleden zijn geen garanties voor de toekomst.

In de avond naar Arnhem; in dit geval naar de finish. Zo dichtbij en toch …. Samen met Wil geprobeerd een voorbeschouwing te maken, maar we kwamen niet verder dan dat het donker, lang, en koud zou worden met erg weinig tijd.

Vanaf de finish werd het lopersgezelschap met de bus naar Winterswijk gebracht. Even zag het er naar uit dat we niet op tijd aan de start zouden kunnen verschijnen. File voor de Duitse grens!?

Gelukkig gingen de meesten naar de Duitse wintersportgebieden om te skiën en te schaatsen; wij gingen alleen maar wandelen in Nederland. Ja ja.

Aangekomen op de startlocatie werd het al snel duidelijk dat ik iets had vergeten: mijn schaatsen! De parkeerplaats was spiegelglad en dit fenomeen zou zich in de nacht meerdere keren voordoen.

Na begroeting van vele W4W-familieleden, ‘n kop koffie en enkele woorden van de marsleider, werd er om 23.00 uur in twee groepen gestart onder toezicht van de Gelderse Omroep. De eerste 40 km waren niet gepeild; we moesten als groep bijeen blijven. Gezien de condities van de ondergrond en de invloed van het weer hierop, een haast onuitvoerbare opdracht. Als verzwarend feit was daar ook nog de ‘voorloper’, die met een masochistisch tempo de groep door het Achterhoekse land leidde; enige correctieve opmerkingen van de marsleiding ten spijt

Maar dat was voor mij dus de uitdaging. Na enkele trainingen en een prima gelopen tocht in Geldermalsen, wilde ik volgen. Wetend dat als je wat afzakt het gat groter en groter wordt, besloot ik zoveel mogelijk voorop te lopen. Zo heb ik de meeste van de eerste 40km weggewerkt, soms ‘schaatsend’ dan weer lekker lopend.

Een mooi moment was weggelegd voor mijn gedurfde inhaalmanoeuvre van Ronald, aka LHST. Nooit was ik in de gelegenheid deze ultieme ervaring te beleven. Altijd was zijn rug het enige wat ik zag; nu kon ik al passerend ook zijn aangezicht bezien. Helaas zal deze ervaring eenmalig zijn. Ronald, bedankt.

De verzorging van deze tocht was prima. En dan ben ik nog zuinig. Goed georganiseerd en je kon van alles krijgen, behalve ‘Bossche Bollen’ !! Maar toch, voor elk wat wils.

Vlak voor de 20- en 40km rust werd het tempo mij teveel en moest ik me noodgedwongen laten afzakken. Gelukkig kon ik op de rustpost snel op verhaal komen. Deze eerste helft van de wandeltocht was ‘eens, maar nooit weer’. Het groepslopen in een 6,5-6,8 km/h tempo werd mij uiteindelijk funest.

Na de rust, waarin de drijfnatte wandeloutfit werd verwisseld voor een droge, werd met Wil de tweede helft snel doorgenomen. Breekpunt was blijkbaar een pontje op 20 km vanaf de rust dat tot 12.30 uur zou varen. Daar moesten we dus wel op tijd aankomen. Dus gevoelsmatig WEER tempo-lopen.

Vol goede moed gingen we getweeën op pad. Inmiddels was het daglicht ontstoken en konden we genieten van de omgeving. Wil wist hierover het nodige te vertellen, het was tenslotte zijn ‘trainingsgebied’.

Het moet gezegd worden, de omgeving was prachtig. Echter, de inspanning om mijn fototoestel te bedienen was me zelfs teveel. Op de dijk kreeg ik het ‘Omloopsyndroom’. Ik moest alles registers openzetten om vooruit te komen. We hadden allebei het idee dat we de laatste waren. Achter ons was niemand te zien. “Hoe kun je dat nou weten?”, zal men zich afvragen.

Da’s niet zo moeilijk. Zo’n 8 km rivierdijk was in de route opgenomen. En als je op die dijk rondkijkt, zie je waar je net vandaan komt en – wat nog fnuikender was – waar je naartoe moest: aan de einder kleine mensjes in felgekleurde hesjes, lopend over de dijk.

Heel langzaam ging het licht uit, ondanks verwoede pogingen van Wil om me bij de les te houden. Geen last van voeten, enkels, knieën of spieren. Dat draaide zonder haperen. Nee, de ‘grijze koek’ tussen de oren was helemaal op. De wetenschap dat de gladde, heuvelachtige Posbank nog voor me lag, gaf me de nekslag.

Tot het veer en niet verder. Rond half twaalf kwam het veerpontje in zicht. Aan de overkant was de rustpost met bankjes en warme hamburgers. Alle gevoelens waren dubbel. Doorgaan, niet doorgaan? In de rustpauze knap je wel weer op, maar ja …… die laatste 20 km ‘schaatsen/glibberen’ … daar zat ik nu net niet op te wachten. Alles was nu nog heel!

Ik heb Wil dus alleen het laatste stuk laten lopen. Sorry Wil. In afwachting van vervoer heb ik nog diverse wandelaars voorbij zien komen. Nog meer zelfs dan verwacht. Uiteindelijk kwamen de laatste drie wandelaars, Berend, Carola en Trudy, als laatste met het veer over, op de hielen gezeten door de pijlophalers. Het drietal zag het helemaal zitten. Knap hoor.

Met de EHBO’er ben ik tenslotte verkast naar de finish. Onderweg daar naartoe begon het te hagelen/regenen/sneeuwen. Moet ik nu blij zijn? Bij aankomst me afgemeld. Tja, dan knaagt er toch wat, als je je medewandelaars moe maar heel voldaan over de finish ziet komen. Enfin, weer een ervaring rijker uiteindelijk snel naar huis en onder de douche. Niet alleen de spiertjes blijven trainen is prima, ook de ‘grijze massa’ moet hier en daar wat aangescherpt worden. Een andere smoes heb ik niet.

Leave a Reply

You can use these HTML tags

<a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <s> <strike> <strong>