Cursus wandelbegel(ei)(ij)der

Je kunt van alles plannen, maar of het er daadwerkelijk van komt? De geplande tocht op 21 nov in Budel van de OLAT is er zo een die wel was gepland maar uiteindelijk niet doorging. Foutje van mijn kant.

Niet getreurd, de 27-ste november een ietwat andere invulling kunnen geven aan het wandelvirus: ik heb deelgenomen aan de cursus ‘wandelbegeleider’. Of dit nu met korte of lange ‘y’ moet worden geschreven, zal de toekomst moeten uitwijzen.

Het leek mij wel handig om wat meer achtergrond te hebben op het gebied van wandelen en de evt. calamiteiten die daarbij kunnen gebeuren. In mijn korte wandelleven al menigmaal vervelende situaties meegemaakt. Daarbij komt dat ik deze cursus om niet kon volgen, dus waarom niet? Een mens is nooit te oud om te leren.

Voor de inhoud moet je denken aan: beweegmotieven/gezondheidseffecten, wandeluitrusting, wandeltechniek, warming up/cooling down, veilig wandelen, wandeltraining, wandelblessures en begeleidingsadviezen.

De aanvang van de dag begon al goed: de autoruit sneeuwvrij maken! En dan te weten dat er niet alleen binnen les zou worden gegeven. Ruim op tijd stapte ik het leslokaal/café binnen en had dus voldoende tijd voor een kop koffie.

Rond 09.00 uur waren alle ‘slachtoffers’ van deze dag binnen. Een gemengd gezelschap van 5 heren en 11 dames, merendeels uit de omgeving maar toch ook uit Amsterdam, Deurne en Borsele.

En dat alles onder de bezielende leiding van ene Frans Bergmans van het Wandelcentrum Midden-Brabant. Een rondje ‘Wie is Wie’ levert een aardig beeld op van de diversiteit en de motivatie van de ‘wandelaar’. Via de meest vreemde wegen was men uiteindelijk bij het wandelen terechtgekomen.

Eigenlijk is het voor de meeste regelmatige wandelaar wel bekend dat het een gezonde bezigheid is. Maar tijdens zo’n cursus blijken er nog heel wat meer moverende redenen te zijn om te kiezen voor het wandelen zoals o.m. de ‘vriendelijkheid’ voor het bewegingsmechanisme, rust (dan moet je dus geen kennedymarsen lopen) en reflectie (ctrl-alt-del), ‘t kan overal en altijd, als wandelaar heb je de grootste accommodatie van alle sporten: de buitenwereld.

Na een korte pauze werd de lichtspot gezet op de wandeluitrusting. Je kunt het daar zo gek maken als je wilt, zolang je het drie-lagen-systeem maar in het achterhoofd houdt. Nieuw voor mij was de onderkleding van Icebreaker. Mijn huidig ondergoed geeft, in combinatie met mijn transpiratie, een minder prettige geur. Het schijnt dat dit Icebreaker-spul daar geen last van heeft. De moeite waard om eens uit te proberen. Verder voldeed mijn uitrusting en was mijn rugzak met de juiste spullen gevuld.

Na de nodige theorie was het nu tijd om de praktijk in de frisse buitenlucht tot ons te nemen. Duidelijk werd dat het niet past om iemand te vertellen dat ie verkeerd loopt. Na zo’n 30/40/50/60 jaar trek je dat niet meer recht. Hoogstens kan men de ‘nieuwe wandelaar’ een aantal tips aan de hand doen om te voorkomen dat er complicaties gaan optreden.

Naast deze looptechnische adviezen kwam ook het warming up/cooling down aan bod: het bekende ‘lantaarnpaal-omduwen’ of ander straatmeubilair proberen van zijn plek te krijgen. Eerlijkheidshalf moet ik bekennen dat dat een van de tips is die ik nu geregeld zelf toepas, ook tijdens de lange tochten. (Het werkt .. bij mij tenminste.)

De middaglunch werd door de uitbater van het leslokaal verzorgd m.b.v. een prima tomatensoepje en broodjes kaas/vlees/krenten, waarna in het middagprogramma werd gesproken over veiligheid en wandelen. De diverse hesjes kwamen ter sprake en ook de plaats op de weg bij dag/nacht.

De praktijk van de middag moest door ons zelf worden ingevuld middels diverse – door onszelf uitgewerkte – opdrachten. T.b.v. het beoefenen van het calamiteitenplan was mij gevraagd om als slachtoffer een beroerte te simuleren. Met veel gebaar en geluid geprobeerd hieraan invulling te geven. Helaas stelde men vast dat ik bleef ademen, zodat de reanimatie – in bijzonder de mond-op-mondbeademing – achterwege bleef.

Na een wonderbaarlijk herstel van mijzelf, werd als laatste onderdeel in het leslokaal de wandelblessures behandeld. Niet dat het een verkorte EHBO-les werd, als begeleider is de kreet: “Luister naar je eigen lichaam!” eigenlijk de voornaamste gedachte. Er is namelijk nog steeds leven na het wandelen. Andersom is mij niet bekend.

Deze dag heeft mij wel enkele handvatten gegeven, waar ik in de toekomst mogelijk iets mee kan doen. Is het niet voor mij, dan wel voor een medewandelaar. Frans en alle overige cursisten en De Klinkert, bedankt!

Leave a Reply

You can use these HTML tags

<a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <s> <strike> <strong>